BUREN - De fractie van PCG Buren heeft vandaag schriftelijke vragen ingediend bij het college over de herhuisvesting van museum Buren & Oranje. Aanleiding is de groeiende zorg over het gebrek aan betrokkenheid van het museum en haar vrijwilligers bij het proces rond de verhuizing naar het Poortgebouw. De fractie wil duidelijkheid over de inzet van externe expertise, het tijdspad en de financiële haalbaarheid van het plan.
Tijdens de raadsvergadering van 18 maart 2025 stemde de gemeenteraad in met de verkoop van het huidige museumgebouw (het oude stadhuis aan de Markt) en de verhuizing naar het Poortgebouw. De PCG-fractie sprak toen expliciet haar wens uit voor een “zachte landing” voor het museum – met oog voor zorgvuldige begeleiding, haalbare financiering en nauwe samenwerking met Stichting Oud Buren.
Zorgen over tempo, participatie en kosten
In de weken na dit besluit heeft het bestuur van Stichting Oud Buren meerdere keren laten weten zich onvoldoende gehoord te voelen in het vervolgtraject. Ook leven er zorgen over de haalbaarheid van het tijdspad, de rol van vrijwilligers, en de financiële onderbouwing van de nieuwe locatie.
PCG-fractielid Nap:
“Het museum draait volledig op vrijwilligers en heeft een belangrijke erfgoedfunctie binnen onze gemeente. Dan is het essentieel dat deze mensen niet alleen worden geïnformeerd, maar ook serieus worden betrokken in het proces. We zien dat het college stappen zet, maar we moeten voorkomen dat snelheid boven draagvlak gaat.”
Vragen aan het college
De fractie stelt het college onder meer de volgende vragen:
- Waarom is tot nu toe geen gebruikgemaakt van de expertise van bijvoorbeeld Erfgoed Gelderland, ondanks herhaalde verzoeken van het stichtingsbestuur?
- Hoe wordt binnen het tijdspad ruimte geboden voor de inzet en het tempo van vrijwilligers?
- Waarom wordt de eerder afgewezen businesscase nu wel als haalbaar beoordeeld?
- Hoe verhoudt de nieuwe, aanzienlijk hogere huur zich tot het gemeentelijk beleid en eerdere toezeggingen over een "zachte landing"?
De PCG Buren benadrukt het belang van transparantie en samenwerking in dit proces. “Een toekomstbestendig museum verdient een stevig fundament, gedragen door zowel vrijwilligers als gemeente,” aldus Nap.
De fractie verwacht op korte termijn een schriftelijke reactie van het college op de gestelde vragen.
